donderdag 3 november 2011

Poepa en de Zounen

"Ze poempen zout woêter ôit de zeeie en geete dat in de plage privé. 't Es presees echt."
Naast mij in het gerenommeerde café op de Varkensmarkt zitten maman en papa met hun twee zonen.
Beiden jongemannen hebben blijkbaar een vaste vriend, maar die zijn er even niet, want pa en ma trakteren alleen hun eigen bloed, getuige de volle zakken van de Inno naast hen.
Ze praten allen vloeiend Brussels. Dat is niet ongewoon in dit café, maar het verbaast mij zeer dat ook de beide zonen het moeiteloos beheersen. Dat is hoopgevend voor het sappigste dialect uit de beschaafde wereld.
"Jean, gaai parfumeert aa vuil te vet."
Maman vindt dat hij overdrijft.
"Laisse-le," zegt de vader, "ei es gruut genoeg vè zaain plan te trekke."
Het gesprek kantelt naar de huurders van beide zonen, die beiden een pand verhuren. Ze stoefen en ze klagen.
"Me maaine Belsj emmek nuut ambras, 't es ne joenkman, goei pree, dokt altaaid af op taaid."
"Ik em gien Belsjen ni mier," zegt Jean met het overvloedige reukwater - "altaaid misère me die étrangers, vreuger de Marocains, naa dei Uust-Euroepejoenen."
"Subiet bringe ze giel de famille mei me eule paillassen. Vui dat ge 't wèt, zit giel aa kot vol."
Jean laat het over zich gaan maar lijkt toch wat ongerust.

Maman en Papa hebben een bel-étage geërfd.
"'t Es bekanst geried, enfin 't es grât geried, allien nog de vuidui, ça fait deux mois qu'on attend."
"Entrepreneurs, toujours le même," zegt de properste huisbaas.
Het gesprek valt heel even stil.
Jean is net terug uit de Dominicaanse.
"Get doe aave plage privé, ze poempen zout woêter oît de zeeie en geete dan in aave plage. En ge zet oep aa aaige."
Dat verbaast maman en papa.
"Niet teveul clochards ?" - "Ahnon maman, puisque c'est privé."
Maman gaat regelmatig naar de echte zoute zee.
"Allien oem uile lingerie te kuupe, parfois deux fois par mois," grapt papa.
"Allez maman," zegt Jean, "dan bezeet toch ne kier de zeeie."
"C'est trop loin, après je prends un p'tit café à mon aise."
"Des femmes.." papa schudt zijn hoofd.
"Nog een chance dat gaaile nie getraad zaat me een madam."
Beide zonen lachen smakelijk.
Alleen maman kijkt grimmig. Ze is er nog niet helemaal klaar mee.
"Allez chou, c'st q'même vrai.. een vraa es goe gerief, mo ge meugt ze nie in ôis emme."
"Wa zodde zonder maa doon ?" antwoordt ze kwaad en bekijkt ze alledrie.
Papa doet er helemaal het zwijgen toe, beide zonen kijken opzij.
Er is op een zere teen getrapt.
Poepa rekent af.
"Allez on s'en va."
De drie mannen volgen gedwee, zoals schapen hn voorman, kopje naar beneden, recht naar de stal.

Geen opmerkingen :

Een reactie posten