Het is voorbij halfzeven als ik op zondagavond Les Évasions in de rue du Midi betreed.
Het ruikt er naar vergeelde magazines en oude wafels.
Ik verlies mij meteen in "Les plus belles lettres manuscrites de la langue française", een schitterende verzameling brieven van beroemde Fransen. Ik lees de lettre van Jeanne d'Arc aux habitants de Reims. Ook Montaigne en Rimbaud wonen in het boek.
Heel mooi is de aanhef van Victor Hugo als hij vanuit Brussel, op amper twee passen van deze plek, schrijft naar zijn geliefde Adèle : "..c'est un bonheur pour moi de me rapprocher de toi par la pensée en t'écrivant." Mooier kan ik het niet zeggen.
In de strips speurt een neuriënde man snel doorheen de bakken.
Ikzelf twijfel tussen les Légendes Urbaines, Vlad of les Cités Obscures van Schuiten&Peeters.
Maar er zijn ook Philippe Geluck en Tardi met prachtige uitgaven.
Ik lees ze snel terplaatse, dat scheelt een flinke hap in mijn budget.
Een dikke bezwete man, in een lange impermiable creërt door zijn lijfgeur meteen veel ruimte in de afdeling Réligion Mythologie Esotérisme en Grand Formats.
Hij zou zich beter verliezen in de rayon Médicines Douces.
Maar daar zit dan weer een Duits koppel languit te lezen op hun kont. De vrouw draagt zwarte rijlaarzen en bezet de hele gang.
Duitsers, het zit er nog altijd een beetje in : hier sind wir, hier bleiben wir.
Ook al ligt de winkel barstenvol boeken en tijdschriften, waar je makkelijk drie levens kunt mee vullen, wordt mijn aandacht gezogen naar een donker hol achter de toonbank.
Ook daar staan ongetwijfeld nog tonnen boeken, er is zelfs een impasse zichtbaar : welke schatten liggen daar verborgen ? Ik zal het nooit weten.
Boven die mysterieuze grot hangt een bordje : "Locaux protégés par video", dat maakt het nog spannender.
Er staat ook nog een man in een blauw werkpak, vermoedelijk een onderhoudstechnieker van de Stib, hij draagt een grote bril en heeft zich de bakkebaarden van Leopold I toegeëigend.
Er zijn ook nog Amerikanen, Japanners en Italianen in Les Évasions.
Een vrouw met lang zwart haar maakt orde in de chaos : een verloren strijd - in haar ijver verbergt ze een bordje : "Merci de respecter le classement" - ze maakt het zichzelf moeilijk.
Ik verlaat het pand met Ziggy Stardust op de achtergrond, mijn avond kan niet meer stuk.
De Italiaanse kassier is weggelopen uit Decamerone van Pasolini, hij begroet mij heel vriendelijk ook al koop ik maar één dun boekje van 50 cent : "Coeur Joyeux - Chansonnier de plein air du groupe", van de Association Royale des Boy-scouts de Belgique.
U zal zich vermoedelijk afvragen : waarom dit boekje ? Welnu, ik ook.
In de rue du Midi hoor ik flarden verdwaalde kerstmuziek van de Winterfoor.
Een Joodse vrouw wandelt met haar zwakzinnige zoon op het trottoir, zij zingt Jiddische liedjes.
Ik schenk het zoontje mijn dunne zangboekje : hij is heel verrukt.
Het is tenslotte Sinterklaas.
maandag 7 december 2009
zondag 6 december 2009
Stadsbrieven
Beste Bruksel,
Net zowat van mijn sokken gereden op de Gentsesteenweg aan Metro Osseghem.
Ik steek de straat rustig en reglementair over op het zebrapad als een onverlaat mij welhaast overhoop rijdt aan een duizelingwekkende snelheid.
Hij maakt zich daarenboven dik door oorverdovend te claxonneren alsof ik een zware doodzonde bega.
Er was absoluut geen bruusk manoeuver van mijnentwege en de wegpiraat was nog minstens honderd meter verwijderd van het het oversteekpad.
In de Van Arteveldestraat ben ik gisteren op het nippertje aan de dood ontsnapt, het voetgangerslichtje springt op groen, dat wil zeggen dat de verkeerslichten al even op rood staan.
Toch scheurden twee woedende automobilisten dwars door het rode licht, het scheelde maar een haartje en weer een furieuze claxon als toemaatje, alsof ik alle regels met voeten trad.
Weet u wat, mijn beste Bruksel, draag uw agenten op om zich regelmatig verdekt op te stellen aan de kruispunten en laat ze gewoon de nummerplaten noteren van die doodrijders.
Geef ze een flinke boete, noteer dat vijfhonderd euro een pruts is voor een mensenleven, of geef ze drie maand gemeenschapsstraf, zijnde onfortuinlijke voetgangers - oudjes, vrouwen met buggy's, kinderen - veilig over straat helpen.
Uw politiediensten zijn veel te laks, mijn beste Bruksel, en uw voetgangers veel te braaf.
Als u niet optreedt doe ik het zelf, ik heb nu altijd een lange spijker op zak, de volgende wegcrimineel verkoop ik een flinke schram op zijn rechterdeur - dat is al een kleine boete in afwachting dat u zelf optreedt.
Je, Pacha Kroet.
Net zowat van mijn sokken gereden op de Gentsesteenweg aan Metro Osseghem.
Ik steek de straat rustig en reglementair over op het zebrapad als een onverlaat mij welhaast overhoop rijdt aan een duizelingwekkende snelheid.
Hij maakt zich daarenboven dik door oorverdovend te claxonneren alsof ik een zware doodzonde bega.
Er was absoluut geen bruusk manoeuver van mijnentwege en de wegpiraat was nog minstens honderd meter verwijderd van het het oversteekpad.
In de Van Arteveldestraat ben ik gisteren op het nippertje aan de dood ontsnapt, het voetgangerslichtje springt op groen, dat wil zeggen dat de verkeerslichten al even op rood staan.
Toch scheurden twee woedende automobilisten dwars door het rode licht, het scheelde maar een haartje en weer een furieuze claxon als toemaatje, alsof ik alle regels met voeten trad.
Weet u wat, mijn beste Bruksel, draag uw agenten op om zich regelmatig verdekt op te stellen aan de kruispunten en laat ze gewoon de nummerplaten noteren van die doodrijders.
Geef ze een flinke boete, noteer dat vijfhonderd euro een pruts is voor een mensenleven, of geef ze drie maand gemeenschapsstraf, zijnde onfortuinlijke voetgangers - oudjes, vrouwen met buggy's, kinderen - veilig over straat helpen.
Uw politiediensten zijn veel te laks, mijn beste Bruksel, en uw voetgangers veel te braaf.
Als u niet optreedt doe ik het zelf, ik heb nu altijd een lange spijker op zak, de volgende wegcrimineel verkoop ik een flinke schram op zijn rechterdeur - dat is al een kleine boete in afwachting dat u zelf optreedt.
Je, Pacha Kroet.
vrijdag 4 december 2009
Gespot
Hij komt hinkend met behulp van een manke kruk de Kazernestraat ingestapt.
Op de hoek van de Artesiërs stopt bij bij de glascontainers.
De kruk verandert ogenblikkelijk van functie.
Hij neemt ze ter hand en bevestigt met wat ijzerdraad een primitieve haak aan het uiteinde ervan.
Vervolgens gaat hij op de tenen van zijn zere voet staan en gluurt in de glasbol.
Nadien wordt de kruk naar beneden gelaten.
Met een buitengewone behendigheid staat hij als een ballerino te dansen op het verhoog.
Hij zwenkt naar links en rechts om de juiste fles te vissen, welke hij na een lenige sprong van het trapje in een plastic-sachet van de Delhaize stopt.
Als hij klaar is wordt de haak terug opgeborgen en de kruk opnieuw kruk.
Hij zoekt nog wat de juiste hinkmaat, maar al snel pikkelt hij opnieuw als een volleerde gebrekkige over de straat.
Straks verzilvert hij de flessen en zet zich met zijn bekertje aan de ingang van het grootwarenhuis.
Op de hoek van de Artesiërs stopt bij bij de glascontainers.
De kruk verandert ogenblikkelijk van functie.
Hij neemt ze ter hand en bevestigt met wat ijzerdraad een primitieve haak aan het uiteinde ervan.
Vervolgens gaat hij op de tenen van zijn zere voet staan en gluurt in de glasbol.
Nadien wordt de kruk naar beneden gelaten.
Met een buitengewone behendigheid staat hij als een ballerino te dansen op het verhoog.
Hij zwenkt naar links en rechts om de juiste fles te vissen, welke hij na een lenige sprong van het trapje in een plastic-sachet van de Delhaize stopt.
Als hij klaar is wordt de haak terug opgeborgen en de kruk opnieuw kruk.
Hij zoekt nog wat de juiste hinkmaat, maar al snel pikkelt hij opnieuw als een volleerde gebrekkige over de straat.
Straks verzilvert hij de flessen en zet zich met zijn bekertje aan de ingang van het grootwarenhuis.
woensdag 2 december 2009
Molenbeek
De twee madammen lopen mekaar tegen het lijf aan de Zwarte Vijvers.
Een oude Brusseles begint haar betoog in sappig brussels frans tegen haar vriendin die antwoordt in Maghrebijns frans. Ze kussen uitgebreid. Ik begrijp dat ze vroeger hetzelfde blok bewoonden.
Ze hebben hun beider plastic-zakken van de Aldi alvast neergezet want het is al een tijd geleden en er is veel te vertellen.
Er wordt wat geklaagd over het lawijt van de jongelui onderaan hun buildings, dat is kennelijk de klassieke opener, maar al snel komen ze terzake.
De man van de Marokkaanse madam is overleden, het is al een tijdje, maar de Brusseles weet waarover ze praat. Hoe het nu gaat en of ze haar plan trekt ?
Veel support van de kinderen n'est-ce-pas, vooral de oudste zoon is haar behoeder en toeverlaat.
Haar dochters hebben veel werk met hun eigen kroost, maar ze gaan altijd samen naar de winkel en de markt.
De Brusseles heeft minder geluk, haar beide kinderen wonen ver weg, ze komen tijdens het weekend, maar niet altijd.
Ils ont leur propre vie, n'est-ce-pas.
De andere beaamt.
Af en toe wijken ze wat af, dan gaat het over de biscuits die in de Colruyt goedkoper zijn en het vlees dat dan weer sappiger is in de Aldi.
Daarna komen ze vanzelf weer uit bij de afwezige mannen.
Als er iets kapot is in huis, dat is dan weer een probleem voor de oude Brusselse, ze kan het vragen aan de Sociale Dienst, maar dat zijn paperassen en het moet al branden als de klusjesman langskomt.
De Marokkaanse mevrouw heeft le fils aîné, die ziet wat er moet gefikst worden, zij moet het zelfs niet vragen.
Hoe het gaat met de kleinkinderen, vraagt ze aan de Brusseles.
Ze worden groot en komen ook al veel minder, Brussel is zo ver nietwaar.
Het is bitter koud op de hoek van de Gentsesteenweg en de Grimberghestraat.
Waarom gaan ze niet samen een koffie drinken, ze hebben tijd zat, niemand wacht op hen.
De Brusselse weet dat dit niet hoort, ze vraagt het niet.
Soms gaat het gesprek gepaard met brede gebaren, ze praten over de nieuwe gordijnen of een te wijde rok.
Zo gaat het nog een tijdje door. Geen gezeur of geweeklaag, heel af en toe lopen er wat koetjes en kalfjes door de conversatie, maar het gaat ten gronde over niks meer of minder dan de dingen des levens.
Twee Brusselse madammen, met een heel andere origine en geen wereld van verschil.
Hoe vredig kan het leven zijn in het hart van Molenbeek.
Een oude Brusseles begint haar betoog in sappig brussels frans tegen haar vriendin die antwoordt in Maghrebijns frans. Ze kussen uitgebreid. Ik begrijp dat ze vroeger hetzelfde blok bewoonden.
Ze hebben hun beider plastic-zakken van de Aldi alvast neergezet want het is al een tijd geleden en er is veel te vertellen.
Er wordt wat geklaagd over het lawijt van de jongelui onderaan hun buildings, dat is kennelijk de klassieke opener, maar al snel komen ze terzake.
De man van de Marokkaanse madam is overleden, het is al een tijdje, maar de Brusseles weet waarover ze praat. Hoe het nu gaat en of ze haar plan trekt ?
Veel support van de kinderen n'est-ce-pas, vooral de oudste zoon is haar behoeder en toeverlaat.
Haar dochters hebben veel werk met hun eigen kroost, maar ze gaan altijd samen naar de winkel en de markt.
De Brusseles heeft minder geluk, haar beide kinderen wonen ver weg, ze komen tijdens het weekend, maar niet altijd.
Ils ont leur propre vie, n'est-ce-pas.
De andere beaamt.
Af en toe wijken ze wat af, dan gaat het over de biscuits die in de Colruyt goedkoper zijn en het vlees dat dan weer sappiger is in de Aldi.
Daarna komen ze vanzelf weer uit bij de afwezige mannen.
Als er iets kapot is in huis, dat is dan weer een probleem voor de oude Brusselse, ze kan het vragen aan de Sociale Dienst, maar dat zijn paperassen en het moet al branden als de klusjesman langskomt.
De Marokkaanse mevrouw heeft le fils aîné, die ziet wat er moet gefikst worden, zij moet het zelfs niet vragen.
Hoe het gaat met de kleinkinderen, vraagt ze aan de Brusseles.
Ze worden groot en komen ook al veel minder, Brussel is zo ver nietwaar.
Het is bitter koud op de hoek van de Gentsesteenweg en de Grimberghestraat.
Waarom gaan ze niet samen een koffie drinken, ze hebben tijd zat, niemand wacht op hen.
De Brusselse weet dat dit niet hoort, ze vraagt het niet.
Soms gaat het gesprek gepaard met brede gebaren, ze praten over de nieuwe gordijnen of een te wijde rok.
Zo gaat het nog een tijdje door. Geen gezeur of geweeklaag, heel af en toe lopen er wat koetjes en kalfjes door de conversatie, maar het gaat ten gronde over niks meer of minder dan de dingen des levens.
Twee Brusselse madammen, met een heel andere origine en geen wereld van verschil.
Hoe vredig kan het leven zijn in het hart van Molenbeek.
dinsdag 1 december 2009
Stadsbrieven
Beste Bruksel,
Eindelijk.. na jaren ons gevoeg te hebben gedaan in de gore spleten van uw straten en stegen,
kunnen we nu terecht in de langverwachte openbare toiletten.
Aan de Fontainas al eens geprobeerd en me een aap geschrokken toen een paar kwajongens
plots boven het te lage scherm kwamen gluren. Ik vreesde een overval welke enigzins mijn waterhuishouding stoorde.
Men staat daar inderdaad tegelijk afgeschermd, maar ook heel bloot.
Ik kan daar mee leven.
Erger is de discriminatie die de vrouwen treft. Zij moeten immers 25 cent betalen voor een plasje. Dames moeten geld ophoesten, mannen mogen voor niks.
Ik heb het eens uitgerekend. Als mijn vrouw en beide dochters elk tweemaal daags gebruik maken van de stadsprivaten kost ons dat 574,5 euro per jaar.
In sommige Maghrebijnse families met zes dochters zit je al snel aan 1095 euro.
Dat is verdoken plastaks.
Het is nooit goed, zal u zeggen.
Jawel, maar het kan beter.
Je, Pacha Kroet
Eindelijk.. na jaren ons gevoeg te hebben gedaan in de gore spleten van uw straten en stegen,
kunnen we nu terecht in de langverwachte openbare toiletten.
Aan de Fontainas al eens geprobeerd en me een aap geschrokken toen een paar kwajongens
plots boven het te lage scherm kwamen gluren. Ik vreesde een overval welke enigzins mijn waterhuishouding stoorde.
Men staat daar inderdaad tegelijk afgeschermd, maar ook heel bloot.
Ik kan daar mee leven.
Erger is de discriminatie die de vrouwen treft. Zij moeten immers 25 cent betalen voor een plasje. Dames moeten geld ophoesten, mannen mogen voor niks.
Ik heb het eens uitgerekend. Als mijn vrouw en beide dochters elk tweemaal daags gebruik maken van de stadsprivaten kost ons dat 574,5 euro per jaar.
In sommige Maghrebijnse families met zes dochters zit je al snel aan 1095 euro.
Dat is verdoken plastaks.
Het is nooit goed, zal u zeggen.
Jawel, maar het kan beter.
Je, Pacha Kroet
Abonneren op:
Posts
(
Atom
)
