Hij wil nog een koekje.
De tram zit berstensvol en de vraag op ieders lippen : wie wint er ?
De moeder, jong en moedig, maar tegelijk schroomvol, ze tuurt wat gegeneerd en schichtig rond.
Kijk, zegt ze en wijst naar de windvaantjes aan het kanaal, rood, wit, zie hoe de wind speelt met de sterretjes (of zoiets, in het Berbers).
Het kwelduiveltje weet wat hij wil. Poëzie aan het kanaal hoort daar voorlopig niet bij.
Hij zet zijn keel wijdopen, weet dat hij uiteindelijk wint.
De moeder sust maar roept niet, maakt zich niet kwaad, verliest nooit haar geduld.
Ze opent haar handtas, kijk, nog één koekje, straks als we thuis komen.
Even is er begrip.
Thuis is wanneer ze afstappen.
Zij wint even tijd.
Dan zet hij opnieuw alle registers open. Amper drie jaar, de tram davert.
Een kind met een wil. Vakbondsmilitant, werfleider, zit er dik in, nooit kleuterleider, therapeut of vroedman.
Dan stapt de moeder af, hij bedaart.
Nog drie haltes te voet, dat overleeft ze wel.
woensdag 29 november 2017
vrijdag 3 november 2017
De Pauze
Misschien moet je even pauzeren.. zegt de vrouw behoedzaam.
Felle oktoberzon op het noenuur. Verblindend haast.
Heb je nog veel werk ? (Aarzelend) ...maar je bent zinnens toch voort te doen.... ?
Laat het rusten schat, kom even tot jezelf...
Probeer rustig te ademen.
De moeder verbergt haar frustatie en verdriet.
Zij heeft te hoog gegrepen, ze weet het, ze wilde niet afgaan voor haar omgeving, de schoolvriendinnen, de kliek.
Bemoediging, tegen beter weten in. Ze moet het voelen aan de andere kant van de lijn.
Even een stilte.
Ze wacht op antwoord.
Dora, Dora... schat...
Ze heeft ingelegd.
Ze wacht even, dat is verstandig.
Het is haar ding niet, ze heeft andere talenten, niet dit.
Van alles gaat er door haar hoofd. Zal ze haar passie vinden ? Goesting om te leven ?
Wat later ? Niet denken, niet denken.... nu telt.
Dan gaat haar mobieltje weer.
Je hoort haar snikken...
Rustig schat, ik kom naar je toe.
Grabbelt jas en handtas.
De krant laat ze achter.
Felle oktoberzon op het noenuur. Verblindend haast.
Heb je nog veel werk ? (Aarzelend) ...maar je bent zinnens toch voort te doen.... ?
Laat het rusten schat, kom even tot jezelf...
Probeer rustig te ademen.
De moeder verbergt haar frustatie en verdriet.
Zij heeft te hoog gegrepen, ze weet het, ze wilde niet afgaan voor haar omgeving, de schoolvriendinnen, de kliek.
Bemoediging, tegen beter weten in. Ze moet het voelen aan de andere kant van de lijn.
Even een stilte.
Ze wacht op antwoord.
Dora, Dora... schat...
Ze heeft ingelegd.
Ze wacht even, dat is verstandig.
Het is haar ding niet, ze heeft andere talenten, niet dit.
Van alles gaat er door haar hoofd. Zal ze haar passie vinden ? Goesting om te leven ?
Wat later ? Niet denken, niet denken.... nu telt.
Dan gaat haar mobieltje weer.
Je hoort haar snikken...
Rustig schat, ik kom naar je toe.
Grabbelt jas en handtas.
De krant laat ze achter.
maandag 19 juni 2017
De Kruimels
Kraaien en druiven hadden al hun gram gehaald.
De bewoners van de zogenaamde Blokken aan de Papenvest waren gul geweest die dag.
Een tapijt witte boterhammen, gekromd en opgerold in het
gras. De plek waar ook honden hun gevoeg doen en kinderen achteloos overheen
renden.
En de man bij valavond.
Zwoel, de lucht zwaar nog van een hitsige dag.
Stil tussen de hoge appartementen, vrijwel niemand op
straat, er wordt laat gegeten deze maand in de huiskamers aan de Papenvest en
Groot Serment.
Hij had al wat gescharreld in het vuilnis maar ze waren hem
voor geweest.
Dan buigt hij voorover, graait het brood van het gras, een
halve Okay zak vol. Hij aarzelt nog
wat, onzeker over het proviand.
Gaat schuifelend voort, vijftig, zestig, zeventig ? Ook bij
klaarlichte dag zou ik weifelen.
___ Het tafereel voerde me terug naar het Warschau gettho in
de verschrikkelijke maar noodzakelijke film The
Pianist van Polanski.
Twee oudere mensen vechten voor een afschuwelijke brij op
een vuil bord. Door hun getwist valt het eten op de grond, de vrouw krijst, de
man laat zich vallen en slokt, verdwaasd door honger en angst, het eten van de
grond _____
Het was de dag na het schaamteloze vertoon van Samusocial.
Dag één in deze stad zonder burgervader.
Beter geen dan een vader die het brood rooft van zijn
kinderen.
zondag 28 mei 2017
Het Boekvrijen
Hij keert de pagina zonder iets te zeggen.
Weet wanneer en waar. Kent haar van haver tot gort.
Er valt geen onvertogen woord. Geen letter blijft ongelezen.
Soms toch wacht hij even, niet langer dan de duur van een zin, vantijd
iets langer, één woord, hier moeten beide wat grondiger op kauwen.
Zij houdt de omslag vast, hij de rugzijde.
Dan lacht ze, ingetogen, hij een fractie later.
Vreemd, een poos nadien gaat hij plots een bladzijde terug. Ze
zwijgt en knikt. Ze knikken nu beide, dan gaan ze weer als vanzelfsprekend naar
de oorspronkelijke pagina.
Enkel het boek telt, ze kijken mekaar nooit aan.
Eén keer gaat hij te snel, dan legt zij haar wijsvinger heel teder
onderaan de bladzijde, hij glimlacht. Ze laat de vinger los, hij keert het
blad.
Even later slaat zij de bladzijden om alsof het was afgesproken,
maar niets wijst daarop, zijn volle hand rust ontspannen op de rechterkant, hij
haalt hem net op tijd van het blad zodat ze beide verder kunnen.
Ze zijn verrukt over het boek, je leest het in hun serene, haast
vrome gebaren. Op de ziedende tram 3 lijken ze te vertoeven in een tijdloze
ondoorgrondelijke cocon. Onopvallend opvallend. Het lezen als Kunst.
Het samen lezen ein Gesamtkunstwerk.
donderdag 21 juli 2016
Het Stille Conflict
Ingehouden stilte.
Net nadat hij zijn armen zwaaide, languit
en gekruist, alsof er iets dient door geknipt.
Opnieuw een moment van
stilstand. Ze bekijken mekaar indringend, zij uitdagend, zo van durf je nog meer ? Nog een melding ? Een
restantje ? Kommaatje vergeten ?
Hij keert zich, gaat langzaam over en weer lopen op een
rechte lijn, hij moet zijn woede en afkeer van zich afstappen. Zij blijft
staan, ijzig kalm, armen gekruist, rechtervoet rechtop voor de linker. Ze lijkt
gewonnen, maar de kamp is net begonnen.
Ze zijn jong, het meisje en de jongen. Zij heeft lang bruin
haar, een grijze lange sportieve rok, witte sneakers. Hij is eerder donker,
zwart haar, lichte baard.
Ze bespeelt hem meesterlijk. Het tergend lang wachten, zijn
kwaadheid onverstoord observeren, koel en tegelijk spottend, vooral het zwijgen
is slopend. Ze kent hem door en door, het enerveert, zij weet dat. Hij ook,
maar kan het niet laten.
Richt zich opnieuw tot haar, zijn armen voor zich,
handen wijd open, het lijkt een uitnodiging maar schijn bedriegt. Zij draait
haar handen snel en opgewonden, laat maar komen, ventileer maar, maar tegelijk
monkelend, ik kan het allemaal hebben.
Ondanks de woede blijft het ingehouden, maar wel fel, enkel
verbaal geweld. Dat snijdt vaak dieper dan een onverhoedse kaakslag, dan komen
er tranen, loop je hard weg of val je in mekaars armen. Hier wordt het gif
langzaam maar diep geïnjecteerd.
Nu gaat zij koffie zetten, een gewaagde maar ferme zet, een
moord gelijk, dat zet hem helemaal voor schut, mag ik überhaupt bestaan ? Zij blijft de teugels heel strak houden,
ze zegt vrijwel niets. Hij trapt erin, opgepookte colère. Terwijl de koffie
loopt zet ze slechts één kopje op tafel, een vuistslag. Nu gaat hij helemaal
overstag, zenuwachtig, radeloos, handen in de lucht. Hij kookt, zij de
Ijskoningin.
Niets zo sprekend als het stille conflict. Drie meter op
anderhalf glas, een tableau vivant.
Voyeurisme ? Zíj, de acteurs voor één dag, hebben de gordijnen gelicht, het podium van
hun huiselijke twist open en bloot tentoongespreid voor de straat. Bovendien :
ik heb geen onvertogen woord gehoord.
En vooral : ik vertel het niet verder.
Abonneren op:
Posts
(
Atom
)