vrijdag 15 juni 2012

Gespot : een man



Vlak naast het mega-winkelcentrum, in de volksmond City Toe geheten, overigens een opdondertje in vergelijking met het weldra, ook al in dezelfde volksmond JoepiePlace geheten 'shoppingcenter, zit een man.
Het is geen gewone man, beetje Jezus op jaren, met een verfrommelde lange baard. Hij zit, benen gekruist in een rolstoel, dat zou inderdaad een bijbels mirakel kunnen zijn geweest want zoiets zie je hoogstzelden.
Hij bedelt, bekertje naast zijn gekruist linkerbeen, een doorweekt kartonnen Colabekertje.
Zijn baard is slechts half, want de ganse rechterzijde is kaalgeschoren, blanke wang en kin terwijl de linkerkant helemaal behaard is. Kan zo dingen naar een belangrijke bijrol in de nieuwe Lynch.

Zo zit hij daar, als een koning op zijn troon.
Tussen wijsvinger en middenvinger een sigaar ter grootte van een volwassen Zeppelin.
Moet kunnen : Halfbaard die geld ronselt gewapend met een dikke sigaar. Voor mij mag het : wie ben ik ?
Maar het bekertje loopt er niet van over.

dinsdag 12 juni 2012

Het verstandige Kneusje



Le bonheur est à quelques pas d'ici.
Daar heeft hij geen oren naar. Een mega-affiche in de Passage 44 trekt amper de aandacht, het geluk dat zomaar te grabbel ligt, op enkele passen van u : we weten wel beter.
Hij is in het zwart gekleed, maar totaal gedemodeerd, zonder cravatte en hij leeft op grote voet.
Droevige blik, bleek, onzekere stap, beetje moonwalker.
Hij werkt bij de gezonken bank, net zoals de Herald of Free Enterprise sticht de truc met de naamsverandering nog meer verwarring. Oude wijn in nieuwe zakken : ook al een vertelselke dat we kennen.

Hij schrijft het voltooid deelwoord met dt maar zijn cijfers zijn schroeiend accuraat. Een genie in wiskunde, kneusje in de klas, geplaagd, alhoewel hij zich discreet op de achtergrond hield, het was niet tot bloedens toe. Hij was nuttig bij driehoeksmetingen of de stellingen van Pythagoras.

Een broodje haalt hij 's middags in de Sandwicherie naast de Sint-Janskliniek. Hij eet al wandelend, heel soms in het park, maar nooit in de volle zon, al snel zit hij weer geplakt achter zijn computer.
Pesten is er niet bij, wel achterklap uiteraard, evenwel nooit openlijk of publiek. Het raakt hem niet, hij is dat gewoon, hij begraaft zich meteen in de dossiers. Een korte groet bij het komen en gaan, men antwoordt uit beleefdheid met een zekere grimlach.
Een nakomertje, al waren er geen broers of zusjes, het had geholpen.
Papa is allang van de radar, amper gekend.

Komt nooit in het restaurant, nooit een break. Om 18u3O stipt zet mama een warme maaltijd voor. Het is een stilzwijgende overeenkomst : zij is niet alleen, hij wordt gesoigneerd, het hoeft niet, maar hij ondergaat het gelaten.
Het is altijd stil in het Herenhuis. Alleen het spinnen van de poes, het trage getik van de staanklok.

Bij valavond buigt hij zich over de beursnoteringen. Meer om de tijd te doden, een appeltje voor de dorst ook, alhoewel hij nooit zal bijten in de appel.
Mama schenkt nog een wijntje, in de winter een warme Cécémel, dan gaat ze slapen.
Hij kijkt nog even naar Kanaal Z, kleren keurig op de stoel vóór het slapengaan. Het versgestreken hemd voor morgenvroeg.
Hij slaapt meteen in, zijn cijfers kloppen altijd.

zondag 10 juni 2012

poëZIEndestad

writtenvisualpoetry


Gezien in een zijstraat van de Nieuwstraat : "Sublimez votre corps avec Mincifit", onder het opschrift van de affiche, de foto van een stralende blote bast.
Net boven de affiche verschijnt het hoofd van de pharmacienne, met zwarte hoofddoek, alleen het gelaat is zichtbaar.
Heel even gleed het over mekaar : het mysterie van het verborgene en het naakte uitstalraam.
Privaat en publiek ineen.

vrijdag 8 juni 2012

Lovely young people

Zo staan ze daar aan het kruispunt van de Van Artevelde en de Visverkopers. Het meisje en de jongen.
Hand in hand. Zij lacht het meest, maar geen gegibber of loos gegiechel, het is gemeend.
Ze vertelt gretig, hij lacht, laat even haar hand los om wat te demonstreren, het lijkt iets wat zijn mama gisteren klaarmaakte en blijkbaar mislukte maar het kan evengoed de verzameling CD's zijn van pap die op de grond keilde.
Ze vragen zelden iets aan mekaar, hooguit wat dingen die ze bijkleuren in het verhaal van de ander. Het houdt de aandacht gaande, er moeten vooral spannende zaken worden gedeeld, zoals de man met het zwarte ooglapje op de trein tussen Denderleeuw en Centraal of de vrouw die in slaap viel op haar krant, rechttegenover het zwarte lapje.
Het maakt niet uit, er mag vooral geen stilte vallen, ze moeten bezig blijven, alsmaar vertellen, jajong keinijg, en dan samen gieren. Er wordt niet gekust maar ze grijpen wel terug naar mekaars hand. Verwijderen zich, ik zie ze lopen in de rug door de Dansaert. Onderweg naar het MaBo, de zoete geur van de chocoladebroodjes aan de Pain Quotidien, een man bedelt op een verkeerd moment.

Soms blijven ze staan, hij wijst in een vitrine, het meisje lacht weer. Kussen ze nu al ?
Neen, ze gaan voort. Nooit, nooit valt er een moment van stilte. Hun verhalen glijden moeiteloos in mekaar, waaruit dan weer een ander ontspringt en zij dan weer inpikt met iets van gisteren, hij kan daar iets aan toevoegen, zij kleurt het bij. Kinderen van hun tijd, het scratchen van de verhalen.

Net de twaalf voorbij. Of al dertien ?
Te oud voor de poppen, zong Van Vliet, te jong voor de liefde.
Klinkklare onzin.

woensdag 6 juni 2012

Gespot : De Wind



In de Blijdschapsstraat (what's in a name ?) hangt een plakkaat Vente Publique.
Door een gelukkige speling van het lot heeft iets of iemand de laatste 'e' van 'Vente' verwijderd.
Daardoor is er sprake van een Vent Publique, een publieke wind zeg maar, een openbare wind,
of Wind voor Iedereen.


Poëzie zit geborgen in iedere spleet of kier, tocht op de achterbank of een koel briesje, men loopt er vaak te achteloos aan voorbij.

maandag 4 juni 2012

De Laatste Trein

"De meeting loopt uit schat, we moeten vanavond de knoop doorhakken.."
"Mmmm,' - "Jaja.." - "natuurlijk.."
"Ik probeer nog thuis te komen, 'k geef nog een seintje als ik de laatste trein niet haal. Maak je geen zorgen, ik red me wel."


Een man in een onberispelijk grijs kostuum met een dunne gele streep belt zijn vrouw.
Hij bekleedt een ogenschijnlijk voorname functie bij Fortis aan het Centraal.
Hij staat op een sokkel, alsof de stad hem toebehoort. Op de sokkel onderaan staan in verschillende talen
Solidarity & Harmony gegraveerd.
Er worden nog wat lieve woordjes gewisseld, "ikmisjeschat.." - "dagzoetje".


Vijf meter verder staat zijn secretaresse, armen gekruist, ze bekijkt hem indringend.
Zij moet niemand afbellen. Ze lacht terwijl ze naar hem kijkt.
Hij legt af. Ze lacht opnieuw, maar niet uitbundig.
Hij kust haar slechts kort alsof de overgang tussen vrouw en maitresse te bruusk is.
Hij lacht eveneens, zij het met een zekere schroom. Wat duizelig van de ping pong.
Tussen hamer en aambeeld, zo staat hij daar op de sokkel.
Alsof hij onweer voorvoelt. Beetje week en breekbaar, niet helemaal klaar met het bedrog.

Af en toe praat hij even over de dossiers, zo tussendoor.
Ze is tenslotte zijn secretaresse nietwaar, hij mag zichzelf wijsmaken dat hij alsnog werkt.

Misschien haalt hij toch nog de laatste trein.

vrijdag 1 juni 2012

Gespot : Naakte schoenen

Aan het begin van de straat in Anderlecht is Wayez-Shoe heropend.
Ze zaten oorspronkelijk aan de linkerstraatkant maar zijn nu verhuisd naar de overkant.
Dat zullen we geweten hebben.

Nous sommes ouverts en face sur le coin. Bij de Nederlandse vertaling aarzelt de "Nu" van
we zijn open hier rechtover nu. De Nu zweeft tussen beide annonces.
Voor de aandachtige lezer wordt dit dus Nous sommes ouverts en face sur le coin, nu.
Het was dringen die dag bij Wayez Shoe.